Haren ontwikkelde zich in de periode 1910-1935 onder de bezielende leiding van burgemeester Boerema van bescheiden dorp tot villadorp. De burgemeester had ambitie en wilde Haren uit laten groeien tot vestigingsplaats van de beter gesitueerde forenzen uit de stad Groningen en Ommelanden.
In de dertiger jaren heerste er door de crisis een enorme werkloosheid, ook in de gemeente Haren. Op initiatief van burgemeester Boerema werd in 1934 besloten om in het kader van de werkverschaffing een vijver te graven en een park aan te leggen in het drassige Lokveen. Van nature liep al veel water naar dit gebied en door de slechte bodemgesteldheid was het toch ongeschikt om te bebouwen. Het karwei werd geklaard door noeste arbeid van werklozen met scheppen en kruiwagens.

De vijver kreeg een bergingsfunctie en ving het overtollig regenwater uit de omgeving op. Rond de vijver, in de vorm van een eend, werd een park aangelegd met recreatieve mogelijkheden. En zo werd het nuttige met het aangename verenigd.
Het park heeft een oppervlakte van 4,2 hectare. Het ontwerp in Engelse landschapsstijl kwam van de Dienst Gemeentewerken en doet sterk denken aan de ontwerpen van de beroemde Nederlandse tuin- en landschapsarchitect Leonard Springer (1855 – 1940). Het beplantingsplan voorzag in een gevarieerde mengeling van boom- en heestersoorten.

Tijdens de uitvoering van het werk in 1935 overleed de geliefde burgemeester van Haren. Als eerbetoon kreeg het park bij de officiële opening op 16 oktober 1936 zijn naam: Burgemeester Boeremapark. Betrokken burgers schonken dieren aan het park, zodat er zelfs een hertenkamp kon worden ingericht. Dat was een attractie voor kinderen, die de herten en pauwen kwamen voeren. In de winter was de vijver een ijsbaan met een hoog Anton Pieck-gehalte.
Bijna negentig jaar na de aanleg heeft het park een mooi bestand volgroeide bomen, een fraaie verzameling rododendrons en nog steeds een hertenkamp. Jong en oud genieten er dagelijks van.
